Lookaround
/

Nostalgie in woord en beeld

 

 

Speciale vacantietreinen

1941. Vakantie houden was alleen nog maar mogelijk in eigen land. Dat betekende onder meer extra drukte bij de spoorwegen.
Drukke weken met speciale rijwieltreinen met 1000 à 1200 fietsen.
"De afgelopen week is de drukste van het hele seizoen", zei één dezer dagen een spoorwegautoriteit, met wie de Utrechtse Handelsbladcorrespondent, 't vakantieprobleem in enkele grote trekken besprak.
Het bedrijf   heeft vooral een hardnekkige strijd te voeren met de talloze rijwielen die dagelijks worden aangeboden en in speciale rijwieltreinen iedere avond worden vervoerd.
Per trein worden er ongeveer 1000 à 1200 fietsen getransporteerd, een recordcijfer dat in normale jaren nooit werd behaald. Dit alles ligt voor de hand, omdat men in eigen land vakantie moet houden. Velen betreuren het dat ze hun fiets niet met de trein waarin ze zelf hun buitenverblijf opzoeken, kunnen meekrijgen. Zij zien echter spoedig in, dat dit niet de schuld van de spoorwegen is, maar van de abnormale reislust in deze weken, een reislust die zaterdag jl. is begonnen en toen al dadelijk bedenkelijke afmetingen aannam. Niet zozeer voor de spoorwegen, die tot dusver zonder stagnatie hun publiek hebben vervoerd, maar wel voor de hotel- en pensionhouders die langzamerhand geen raad meer weten met de steeds aandrommende stroom vakantiegangers.
De Veluwe is boven alles in trek, meer dan Limburg en Twente, gewesten die vroeger ook druk waren bezocht, maar het nu met weinig gasten moeten stellen. Veel mensen komen uit de noordelijke provincies en reizen dan via Stavoren-Enkhuizen. Dat deze buitengewone drukte zo intens is als nooit tevoren, komt o.a. door de vakantie van de bouwvakarbeiders en het kantoorpersoneel. Het spoorwegbedrijf constateert recordcijfers rond het weekend, die dan in het midden van de week wat inzinken om daarna weer toe te nemen.

Gedurende de bezettingsjaren van de tweede wereldoorlog was de fiets naarmate de oorlog vorderde, steeds meer een onmisbaar vervoermiddel geworden. Fietsen werden door de bezetter gevorderd en wie nog over een ‘stalen ros’ beschikte, reed soms met houten ‘banden’ om de velgen. (Opm.: Als producten schaars worden of zelfs helemaal niet meer verkrijgbaar zijn, dan worden mensen inventief. Een fraai voorbeeld tijdens de WO II. De rijwielhandel verkocht houten fietsbanden, beslagen met stukjes rubber van oude banden.)

1920. ‘’t Minder aangename van vreemdelingenverkeer’

“De Veluwe immers is voor de stadsmenschen, die naar buiten gaan, een aantrekkelijk oord. En terecht, onze mooie wegen, ons natuurschoon, ’t trekt alles aan en te verwonderen is het dan ook niet, dat tal van vacantiemenschen hier wat komen uirrusten.
‘t Minder aangename van ‘t vreeemdelingenverkeer is zeker wel het voortdurend gejaag van auto’s en motorrijwielen.
De menschen schijnen tegenwoordig verschrikkelijken haast te hebben. Zelfs in de vacantie. Dat vliegt langs den weg als razenden. Met wie loopt of fietst wordt niet meer gerekend, die krijgen de zegeningen van de opgejaagde stofwolken en als ze zich misnoegd durven toonen een brutalen mond.
Meer dan ooit ziet men in den laatsten tijd motorrijwielen langs den weg snorren, die een duo-rijdster meevoeren. Dat schijnt een pleziertje te zijn. Wat de dames er nu eigenlijk aan hebben, zoo al hotsende, dikwijls met fladderende haren langs den weg te worden gevoerd, begrijp ik tot nog toe niet. Maar ’t is ‘mode’ en daaraan onderwerpt zich immers iedereen.”