Lookaround
/

Nostalgie in woord en beeld

 

 

Het dorp Hierden met zo’n 2700 inwoners maakt deel uit van de gemeente Harderwijk,
een agrarisch dorp met een eigen karakter door de aanwezigheid van de vele Noord-Veluwse boerderijen.
De Hierdensche Beek met haar flora is een begrip op de Noord-Veluwe.
In 1983 nam het nieuwe schoolgebouw de plaats in van het oude, slechts de toenmalige woning van de ‘bovenmeester’ bestaat nog.
Landelijke bekendheid in het dorp heeft het centraal in het land gelegen wellnessresort ‘De Zwaluwhoeve’.
Een mooi hedendaags verhaal is dat van ‘Stientje’ op de rotonde ‘de Tippe’, Vroeger lag er een grasveld met die naam dat omsloten werd met een wit hek en eigenlijk een ‘hangplek’ voor de jeugd was, daar waar de belangrijkste wegen samen kwamen.
In het voorjaar van 2009 stond ‘Stientje’, gemaakt van een oude paspop en papier-maché en gekleed in de oude, folkloristische klederdracht, er ineens.
Niemand wist waar ze vandaan kwam. De Hierdenaren namen haar warm op in hun gemeenschap en Stientje moest ‘echter’ worden. Daartoe werd er gecollecteerd en Stientje werd in brons gegoten en vanaf 2010 kreeg zij haar vaste plaats op ‘de Tippe’.
Wie was nu eigenlijk die Stientje?
Zij was een sterke vrouw, een winkelierster van kruidenierswaren aan de Zuiderzeestraatweg, die zich tot eind jaren (19)negentig belangeloos inzette voor de Hierdense gemeenschap.

De Essenburg kwam in bezit van Antony van Westervelt, een zeer vermogend Harderwijker koopman, de grondlegger van een uitgebreid familiebezit langs de Hierdense Beek van Staverden tot aan de Zuiderzee. Tot in 1802 bleef De Essenburg in bezit van deze familie. 
Door een huwelijk met de laatste telg werd de heer mr. Samuel Sandberg de nieuwe eigenaar tot 1924 toen de familie het financieel niet meer kon bolwerken.
De Essenburgh kwam in handen van speculanten en stond 4 jaar lang leeg. Toen liet een zekere mevrouw Goekoop de Jongh, eigenaresse van het Catshuis in Den Haag er haar oog op vallen en zij maakte er werkelijk een sprookjesachtig verblijf van.
In Hierden werd ze gezien als een lastig, excentriek persoon en de familie noemde haar ‘een ijzeren dame’. Tien jaar heeft ze hier gewoond maar was veel afwezig vanwege haar cultuurhistorisch onderzoek in Griekenland.
Na mevrouw Goekoop kwam De Essenburgh in handen van een zekere heer Carp, firmant van de Bolsfabrieken.
De Essenburgh kreeg bezetting van het Duitse leger, werd opvang voor demente bejaarden uit de randstad, kreeg een afdeling van de Herman Göringdivisie onder dak, werd even opvangcentrum na de oorlog van de gedetineerde NSB’ers uit de Jodensavanne in Suriname en van repatriërende arbeiders uit Duitsland, stond 3 jaar leeg en viel ten prooi aan vandalisme en roof.
In die toestand kwam Prior Gevers op bezoek en vond dat het voor zijn kloosterlingen een geschikte plek was om te wonen.