Lookaround
/

Nostalgie in woord en beeld

 

 

Elspeet is een dorp in de gemeente Nunspeet (en voor die tijd was het dorp ondergebracht onder de gemeente Ermelo). 
De bevolking hield zich in de 19e eeuw voornamelijk bezig met de landbouw, de veehoederij, het maaien en plaggen van de heide en het binden van bezems.
Het was eertijds een bekende pleisterplaats van de wagens, die van Harderwijk op Deventer reden.
Het leven in die dagen werd sterk gekenmerkt door een voortdurende ‘struggle for life’.
De keuterboer kon met dat wat het bos en de heide opleverde voor een deel in zijn levensonderhoud voorzien, de schaapherders deden er alles aan om voldoende ‘lebensraum’ voor hun kudden te behouden, de houtverkopers streefden naar meer bosontginning, terwijl de koninklijke familie alleen maar een groter jachtgebied en een grotere ‘achtertuin’ wilde. En dan waren er nog instanties en particulieren die zich in woord en geschrift sterk maakten voor behoud van het natuurschoon.

Een vluchtelingenkamp op de Veluwe

1939. Op de heidevlakten ter weerszijden van de weg Elspeet - Uddel moet als het aan de Nederlandse regering ligt een vluchtelingenkamp komen voor de uit Duitsland afkomstige Joodse vluchtelingen
Het medeleven van de Nederlandse bevolking is ruimhartig hetgeen onder meer blijkt uit de gulle donaties van geld en goederen.
Daarom was het des te opvallender
De veelheid van de hevige protesten, nadat het plan bekend werd, lag dan ook zeker niet in de lijn van de verwachtingen. Naast de inwoners, in de directe omgeving van de mogelijke locatie van het ‘vluchtoord’, de ANWB, de VVV en de SGP, die bezwaar aantekenden, was het persoonlijk ingrijpen van koningin Wilhelmina op z’n minst opzienbarend te noemen.
(opm. Even een ‘tussendoortje’: In 1939 had Nederland nog geen 9 miljoen inwoners.)
De ANWB wijst met nadruk op de waarde van de Veluwe als vakantiegebied en geeft vervolgens in alle duidelijkheid aan dat een kamp zoals bedoeld “een ramp voor de bevolking van de streek, maar tevens voor het Nederlandse volk zal betekenen.”
De VVV opperde het volgende: ,,Dit moge enerzijds mogelijk een voordeel zijn voor de gemeente maar  anderzijds is het voor velen in de gemeente vooral in Elspeet met name voor hotel- en pensionhouders een ramp te noemen. Immers het natuurschoon en de rust die de stadsmensen en ook de inwoners van Elspeet en Ermelo in zo ruime mate konden genieten en waardoor Elspeet in het gehele land vermaard is, dreigen thans met een klap te worden vernietigd door de komst van deze ongewenste vreemdelingen.
Elspeet, het geliefde vacantieoord voor velen, wordt op die wijze gemaakt tot een ghetto in den waren zin des woords. Een natuurramp kan verschrikkelijk zijn in het aanrichten van grote verwoestingen, doch zo er geen mensenlevens door worden getroffen, zou deze Elspeet niet noodlottiger kunnen zijn dan de stichting van zo 'n kamp.''
Ds. Zandt van het SGP bracht het aldus onder woorden:“...Wij zien de grote stroom vreemdelingen met bezorgdheid ons land binnen trekken. Het is boven alles zaak, dat ons volkskarakter bewaard wordt. De regering zelf deelt mede, dat daaronder zijn gevaarlijke elementen, zoowel politiek als in zedelijk opzicht. Wordt ook ten aanzien van deze wel voldoende waakzaamheid betracht? Hier staan gewichtige belangen op het spel. De regering hebbe te waken, dat Nederland voor de Nederlanders blijft en dat Nederland zijn protestants karakter beware.”
En ten slotte een gedeelte uit de brief van koningin Wilhelmina aan de minister van Binnenlandse Zaken, waarin zij haar ongenoegen uitspreekt over de plannen:
“ … dat Hoogstdezelve bepaald betreurt, dat de keus van een plaats voor het vluchtelingenkamp gevallen is op een terrein, dat zó dicht bij het zomerverblijf van Hare Majesteit gelegen is en dat het Hoogstdezelve aangenamer ware geweest indien dat terrein, eenmaal de keus op de Veluwe gevallen zijnde, veel verder van het Loo had gelegen.”
Het behoeft geen nader betoog, dat het plan voor een vluchtoord op de Veluwe werd ‘afgeblazen’.
Een andere locatie werd op 17 maart 1939 gevonden in het Amerveld in de gemeente Westerbork. Op 9 oktober 1939 ontfermde het opvangkamp zich over de eerste 22 vluchtelingen.

Een houten kruis

Onder een stralend blauwe hemel verplaatste ik mij op deze mooie nazomerdag per fiets over het bijzonder fraai gelegen fietspad langs de Schapendrift naar een afslag,  rechts aan diezelfde weg waar een minuscuul klein, wit kruisje geschilderd op een houten paaltje staat, ongeveer 2 kilometer noordwestelijk vanaf het kruispunt Stakenbergweg – Schapendrift.
Op een geografische kaart uit 1968 staat in vierkant 8601 (UTM grid) een kruis getekend.
Ik ken die plaats.
Op de plaquette in Harderwijk bij het monument aan het Wolderwijd staat te lezen dat tussen 1941 en 1945 117 bemanningsleden van geallieerde vliegtuigen in of nabij Harderwijk, veelal in het IJsselmeer, hun leven hebben gelaten.
Het monotone gebrom van overvliegende vliegtuigen ’s nachts was geen uitzondering in de oorlogsjaren 1940 - 1945, geallieerde bommenwerpers op weg naar Duitsland om hun lading af te werpen boven steden en industriegebieden met als doel het bekorten van de oorlog.
Ook in de nacht van 1 april 1943 was dat het geval. Vanaf de basis ‘Elsham Wolds’ in Engeland steeg eerder die nacht een Lancaster-bommenwerper op om de Duitse stad Emmerich te bombarderen. Ondanks het feit dat het doel niet ver in Nazi-Duitsland lag, was de missie niet zonder gevaar, zeker voor een eenzame Lancaster ...
Een opgeluchte bemanning, nadat de bommenlast was afgeworpen en misschien wel onder het zingen van ‘Old soldiers never die …’ aanvaardde de terugtocht. Het schemerachtige daglicht aan het begin van deze zonnige dag viel de cockpit binnen en daardoor werd het mogelijk om goed zicht te hebben naar alle kanten, waakzaam en geconcentreerd blijven tot het uiterste en ook de ‘zoveelste’ missie zou succesvol verlopen zijn.
Waarschijnlijk heeft de jeugdige bemanning, zes van deze dappere knapen waren 20 – 22 jaar, een van onderen van de Lancaster aanvliegende Duitse Messerschmitt niet waargenomen.
Het Engelse toestel werd beschoten en vloog onmiddellijk in brand, waardoor het onbestuurbaar werd.
Wat er in die laatste minuten in het vliegtuig gebeurde, is slechts gissen.
Het toestel verloor snel hoogte, miste op een haar na de kerktoren in Elspeet en viel te pletter in het nabijgelegen bosgebied.
Het was 07.22 uur.
De zes omgekomen bemanningsleden werden begraven op de begraafplaats ‘Oosteinde’ in Harderwijk. Het zevende bemanningslid was zwaar gewond, werd afgevoerd naar het hospitaal in Amersfoort waar hij aan zijn verwondingen overleed en begraven werd op de begraafplaats ‘Rusthof’ aldaar.
Op de plaats waar de Lancaster neerstortte, staat een eenvoudig houten kruis:
'Zes doden, een gewonde, BRITTEN vielen hier op den 1 april 1943, neergeschoten met hun vliegtuig. MATTH. 6 : 9 - 14.'    
Jaarlijks wordt daar op 4 mei een indrukwekkende herdenking, weliswaar op kleine schaal en sober van inhoud, gehouden.
Ik kies, gezeten op een bankje bij de boven aangehaalde, mij zeer aansprekende herdenkingsplaats, voor een kort moment van overpeinzing.

Een ‘hulpkantoor’ in Elspeet

1880: ‘Posterijen. De Beheerder van het Postkantoor brengt ter kennis, dat met ingang van 1 Junij a.s. te Elspeet een Hulpkantoor wordt opgericht en de verzending  der correspondenten naar de Gemeente voortaan zal plaats hebben met den laatsten trein in de richting naar Zwolle, in aansluiting met den Postbode, die des morgens van Nunspeet over Leuvenum en Staverden naar Elspeet vertrekt. Harderwijk, de Directeur voornoemd, DE RIDDER.’

Herberg ‘De Zwaan’ in de fik

1882. ‘De van ouds bekende herberg ‘De Zwaan’ is door een onbekende oorzaak een prooi der vlammen geworden. Het vuur dat spoedig oversloeg naar een daarbij staanden hooiberg en eene schuur, werd evenwel door de krachtige en vereende werkzaamheid der dorpelingen, zoodanig bedwongen, dat de belendende gebouwen, die mede groot gevaar liepen, gespaard zijn gebleven.
Een koe, een geit en 4 biggen zijn omgekomen.’

De koning subsidieert een nieuwe grintweg

1887: ‘Ondersteund met een flinke subsidie van Z. M. de Koning zal een weg worden aangelegd om de grintwegen naar Elspeet en Apeldoorn met elkaar te verbinden, rechtstreeks loopende door de buurtschap Uddel, de Uddelsche Heide en het Meervelderbosch, om zich aan te sluiten bij den in 1860 aangelegden Koninklijken grintweg, welke van het Uddelermeer naar Aardmansberg voert, langs het fraai gelegen Châlet des Konings.
Verdient de aanleg ter bevordering van een gemakkelijk verkeer tusschen de genoemde plaatsen waardeering; de voordeelen van een goeden weg boven een ongeriefelijken zandweg komen alsmede vooral denUddelschen boeren en hunnen trekdieren ten goede.
Meer waardeering nog verdient de loffelijke bedoeling met het aanleggen  van dien weg verbonden, namelijk door het verschaffen van werk in den winter aan uitsluitend Uddelsche daghuurders.
Met de voorbereidende werkzaamheden, het graven van klei en grint en het zoeken van keien in de bijgelegen bosschen, is verleden week door ruim dertig arbeiders een begin gemaakt.’

De bosbessenpluk

‘1890. De bosbesschenpluk in Elspeet is weder begonnen. Dagelijks worden tal van vaatjes naar Engeland verzonden. Dewijl de prijs dit jaar bijzonder hoog is – 80 cent per half kilo – en voor dit werk, jammer genoeg, meest kinderhanden gebruikt worden, is de school voor de helft ontvolkt.’

Geen sprokkelvergunning

1890. ‘In de middagzitting der Arrondissementsrechtbank te Zwolle werden twee kleine strooperijen behandeld, bedreven door inwoners van Elspeet en hadden bestaan in ’t afrukken van doode takken in ’t Elspeeterbosch. Tegen de daders werd 6 dagen gevangenisstraf geëischt. De drie personen hadden zich tot een advocaat gewend voor hulp. Deze gaf aan dat het vezamelen van dood hout in het Elspeeter  bosch een recht is dat sedert jaren door iedere Elspeeter wordt uitgeoefend. Tal van jaren, ja eeuwen lang mocht elke ingezetene van Elspeet de dunne boompjes omhakken , van de andere boomen de doode takken aftrekken  en voorts alle dood hout sprokkelen.
In die vergunning is voor een twaalftal jaren een wijziging gekomen. ’t Omhakken van boompjes werd bij kerkespraak verboden en later, een jaar of vier, vijf geleden, is ook het recht om dood hout af te trekken beperkt, in dier voege dat het alleen ’s Woensdag mocht worden uitgeoefend. ’t Sprokkelen werd vrij gelaten. En zoo is de toestand nog. Ter bevestiging is vermeldenswaard dat de drie personen hun hele leven al in Elspeet wonen en hebben nooit van een absoluut verbod gehoord.
Volgens de onbezoldigd veldwachter A. Mouw was zulk een verbod in 1886 uitgevaardigd, niet bij kerkespraak maar door afzonderlijke kennisgeving. Daartegenover stelde de advocaat dat nog in het laatst van 1887 de voorganger van Mouw, de boschwachter Van den Hoorn bij ’t afrukken van takken behulpzaam was geweest.
Het O. M. achtte de zaak bewezen en eischte hun schuldverklaring en hun veroordeeling. De verdediger vroeg vrijspraak.’

Hotel 'Het vergulde Hert'

In 1950 nam hotel ‘Het vergulde Hert’ nog steeds een publieke taak voor haar rekening. Zo was te lezen: ‘het gemeentebestuur van Ermelo maakt bekend, dat de Gemeente-ontvanger zitting zal houden te Elspeet van 9-11 uur in Hotel ‘Het Vergulde Hert’, Apeldoornseweg 6 voor het in ontvangst nemen van alle aan de gemeente verschuldigde gelden over 1949.
In het bijzonder wordt er de aandacht op gevestigd dat dit de laatste gelegenheid is.’
Onder: Op de bovenste foto links is het hotel te zien, op het dak prijkte de naam en men schonk er Hengelo’s bier. Op de foto rechts het zelfde onderkomen anno 2016 met de naam van het restaurant ‘Op de Brink’. De twee bomen rechts staan er nog steeds.
Op de tweede rij foto’s hotel restaurant ‘Refugium’ en het aanbevelenswaardige
restaurant en Hampshire hotel anno 2016.

De Stakenberg, een prehistorisch landgoed met z’n grafheuvels, eens een vergeten heidegebied met stuifzand. Totdat uit het ‘niets’ er ineens belangstelling kwam voor het gebied door de families Korthals Altes en Hopperus Buma en ook de gemeente wakker werd.
Door aankoop van grond ontstonden de landgoederen ‘De Stakenberg’ en ‘Refugium’.
Er werden huizen gebouwd, er kwam een boerderij, tuinen werden aangelegd en de heide werd voor een deel ontgonnen.
Enkele jaren voordat de Tweede Wereldoorlog uitbrak, werden de beide landgoederen verhuurd als hotel. Hotel ‘De Stakenberg’ werd in 1943 een prooi van hoog oplaaiende vlammen, brandde geheel af en werd ook niet meer herbouwd, terwijl Hotel ‘Refugium’ mede door de Duitse bezetter een twijfelachtige reputatie kreeg.
Nadien werd het gekocht door de PTT en deed dienst tot het begin van de 21e eeuw als vakantieoord voor haar personeel. Vervolgens werd Staatsbosbeheer de nieuwe eigenaar, die het landgoed in erfpacht uitgeeft.
Het Refugium gaat verder als Hampshire Inn. Het hotel-restaurant met een ruime parkeermogelijkheid (Veluwe Hotel Stakenberg, Stakenberg 86 8075 RH Elspeet, ook voor trouw- en familiefeest en vergaderingen, www.stakenberg.nl), ligt midden in een bosgebied met een rijke geschiedenis waar rust en stilte heersen, en waar volop kan worden genoten van de ruimte en de natuur.
Het is een bijzonder geschikte plaats van waaruit fietstochten en wandelingen kunnen worden gehouden. (Zie onder ‘Fietstochten’).


De molen aan de Katersteeg. De molen is er nog steeds maar de Katersteeg is in het niet opgegaan.
De laatste foto links is het toen zeer bekende hotel ‘De Zwaan’ waarover later meer en rechts daarvan een boerderij aan het begin van de Vierhouterweg.

Het centrum van het dorp

De viersprong waar de Staverdenseweg, Nunspeterweg, Uddelerweg en Vierhouterweg samenkomen is het centrum van het dorp.
Op de eerste foto links: tegenover de Vad-halteplaats ‘Hotel de Zwaan’ was, waar nu de rijwielhandel en garage Vlijm met AVIA-pomp (rechter foto) te vinden is, voorheen een soort winkelpand met brandstofpomp en een schuur ernaast.
Op beide foto’s is aan de rechterzijde de muur van hotel ‘de Zwaan’ en tegenwoordig van de meubelzaak ‘Bij Henk’ te zien.
De tweede fotorij kijken beide kiekjes in de richting van de kerk. Opvallend is het prieeltje.
De foto’s op de derde rij zijn aan de Vierhouterweg.
Ook op de onderste fotorij zijn de richtingen op de ANWB-borden aangegeven, waarbij de laatste foto in de richting van Staverden kijkt.

Onder van links naar rechts:

Gezicht op de Nederlands Hervormde Kerk, De Feijtenhof,
Nederlands Hervormde Kerk, Christelijke School,
Doopsgezinde Broederschapshuis, Nunspeterweg,
Elspeet in vogelvlucht, Elspeet vanuit de lucht.